Minister ziet bij E-Care in Duiven dat leerwerkmodel ontwikkelkansen biedt
7 oktober 2026Hoe ziet een leerwerkmodel dat mensen ontwikkelkansen biedt en werkgevers helpt bij hun personeelsvraag er in de praktijk uit? En hoe maak je het model toepasbaar in andere sectoren en arbeidsmarktregio’s en verbind je meer bedrijven? Minister Thierry Aartsen van Werk en Participatie maakte maandag bij E-Care in Duiven kennis met de concrete uitvoering, de kansen en de uitdagingen van zo’n leerwerkmodel.
E-Care
, lid van VNO-NCW Midden in de regio Arnhem-Nijmegen, heeft met steun van netwerkbedrijf Alliander een ontwikkelroute opgezet waarbij inmiddels ook De Voorwerkers en Stroomveilig zijn aangesloten. De Voorwerkers richt zich sterk op mensen die extra ondersteuning nodig hebben om aan het werk te komen en zich te ontwikkelen. Stroomveilig koppelt leren en werken aan technisch vakmanschap in sectoren waar veel vraag naar personeel is. Directeur Edwin Bouman van E-Care deelde maandag met minister Aartsen zijn ambitie om meer bedrijven te verbinden en de bij E-Care ontwikkelde route toepasbaar te maken in andere sectoren en arbeidsmarktregio’s.
Leren en ondersteuning
Bij E-Care in Duiven komen dagelijks tussen de 650 en 1.000 elektrische apparaten binnen voor reparatie. Het bedrijf, een regulier commercieel bedrijf, zo benadrukt Bouman, telt zo’n 170 medewerkers. Ongeveer 100 van hen hebben een afstand tot de arbeidsmarkt. Bij deze mannen en vrouwen staat centraal wat zij wel kunnen, wat zij kunnen leren en welke ondersteuning daarvoor nodig is. Dat werkt, zeker in een tijd waarin technisch personeel lastig te vinden is en veel vacatures openstaan. Die opgaven komen samen op de werkvloer bij E-Care. ‘Een passende instapfunctie kan het begin zijn van een loopbaan’, zegt Bouman. ‘Wij hebben personeel nodig om alles gerepareerd te krijgen en technisch personeel is moeilijk te vinden. Dus leiden wij die mensen hier zelf op.’
Eigen jobcoaches
E-Care benadert de afstand tussen werkzoekenden en openstaande functies als een ontwikkelvraagstuk. Welke vaardigheden, ervaring of kwalificaties ontbreken nog? Wat kan iemand tijdens het werk leren? En welke werkgever biedt daarvoor de juiste omgeving? Zo wordt participatie verbonden aan concrete personeelsbehoeften en de toekomstige economische ambities van de regio. Er zijn veel loketten en regelingen. E-Care kiest daarom voor een eigen interne jobcoach. Niet zonder reden. ‘Voorheen hadden we wel zes verschillende externe jobcoaches en was een groot deel van het managementteam druk om met hen in contact te blijven. Met een eigen jobcoach kunnen we direct handelen’, legde Bouman maandag aan de minister uit.
Echt werk
Het leerwerkmodel van E-Care begint bij echt werk. Medewerkers starten met passende werkzaamheden en groeien met werkbegeleiding, interne jobcoaching en werkplekleren naar meer zelfstandigheid en complexere taken. De route biedt ruimte voor instroom, doorstroom binnen het bedrijf en een volgende stap bij een andere werkgever. Daardoor komen opnieuw ontwikkelplekken beschikbaar voor nieuwe medewerkers. ‘Iedereen die bij ons binnenkomt, begint in het arbeidstrainingscentrum. Dan kunnen ze vaak nog helemaal niets. Stapje voor stapje leiden we mensen op’, vertelde manager Philip Storm.
Kansen
De werkwijze van E-Care biedt kansen voor mensen die extra ondersteuning nodig hebben om duurzaam aan het werk te kunnen. Met de juiste begeleiding en inzet van bestaande instrumenten kunnen mensen zich verder ontwikkelen. Zo komen duurzame arbeidsparticipatie en het verkleinen van de afstand tussen beschikbaar talent en de vraag van werkgevers dichterbij.
Samenwerken
Een werkgever kan zo’n route niet alleen organiseren. Daar is meer voor nodig, vertelde Bouman aan minister Aartsen. ‘Wij verbinden bij E-Care de praktijk met een breed publiek-privaat netwerk. Daarin werken het sociaal ontwikkelbedrijf Scalabor, het Werkgeversservicepunt van gemeenten en UWV, de gemeentelijke sociale diensten in de arbeidsmarktregio, SBB, praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs, ROC Rijn IJssel en de HAN samen. Ook private dienstverleners voor participatie, re-integratie en inburgering maken deel uit van dit netwerk.’ De directeur benoemde daarbij ook een grote uitdaging, namelijk de gezamenlijke opgave om instroom, onderwijs, begeleiding en vervolgwerk op elkaar te laten aansluiten. ‘De werkgever organiseert het dagelijkse werk en de ontwikkeling op de werkvloer. Het netwerk ondersteunt met expertise, scholing, passende kandidaten en beschikbare instrumenten. Zo ontstaat een samenhangende route waarin mensen hun ontwikkeling kunnen voortzetten wanneer zij naar een andere functie of werkgever gaan.’
Richting nodig
In het gesprek met minister Aartsen benoemde de directeur ook de voorwaarden om deze aanpak verder te brengen. ‘Dichtbij, in het bedrijf, gaat het om voldoende ontwikkelplekken, goede werkbegeleiding en interne jobcoaching, met passende vergoedingen en eenvoudig toepasbare regelingen. In het ondersteunende netwerk gaat het om heldere verantwoordelijkheden, continuïteit van begeleiding en het verbinden van bestaande dienstverlening aan de ontwikkelroute.’ Volgens Bouman is op regionaal niveau richting nodig en ontbreekt het vaak aan de juiste informatie en cijfers. In welke sectoren zijn mensen nodig, welk talent is beschikbaar en welke ontwikkeling overbrugt het verschil? ‘Daarom pleit ik voor concrete arbeidsmarktdoelen, een nulmeting en inzicht in resultaten.’
Model verder ontwikkelen
De praktijk in Duiven laat zien hoe private initiatieven en publieke inzet rond een concrete ontwikkelroute kunnen samenkomen. De samenwerking sluit aan bij de landelijke opdracht aan arbeidsmarktregio’s om publieke en private arbeidsmarktdienstverlening beter met elkaar te verbinden, met de Werkcentra en de hervorming van de arbeidsmarktinfrastructuur binnen het SUWI-kader. E-Care wil het model samen met de genoemde partners en de vakbonden verder ontwikkelen en breder toepasbaar maken. ‘Noodzakelijk’, noemt Bouman dat. Hij nodigt werkgevers uit om mee te denken over deze vervolgstap en over deelname als leerwerkbedrijf of doorstroomwerkgever. ‘De samenwerking kan groeien door concrete personeelsvragen, ontwikkelplekken en kansen op vervolgwerk bij elkaar te brengen.’