CupXchange combineert circulair ondernemen met inclusief werkgeverschap

20 oktober 2026

Wat doe je als de overheid het product verbiedt waarmee je bijna twintig jaar je brood mee verdiende? Voor Chong Hu was dat geen theoretische vraag. Zijn bedrijf verkocht wegwerpbekers, tot de wet daar een streep door zette. Hij koos niet voor stoppen, maar voor opnieuw beginnen. Met CupXchange bouwde hij een bedrijf dat herbruikbare bekers lokaal ophaalt, wast en terugbrengt aan de klant. Het afwassen gebeurt door mensen met een begeleidingsbehoefte. “Het begon als een idee op PowerPoint. Inmiddels is het echt een mooie tweede versie van het bedrijf geworden.”

Wegwerpbekers als verdienmodel

In 2005 begon Chong met zijn verpakkingsbedrijf dat onder andere wegwerpbekers verkocht aan bedrijven en evenementen. “En dat ging best goed,” vertelt Chong. “We hadden een positie in de markt. Grote bedrijven kochten hun bekers bij ons en het verdienmodel was overzichtelijk: producten inkopen, verkopen en leveren aan de klant. Na gebruik ging de beker in een bak voor recycling.”

Op de klantenlijst stonden de grote bedrijven en ruim vijftien jaar lang groeide de onderneming gestaag. Het team regelde bestellingen en leveringen grotendeels vanachter de laptop, en bij de klant verdween elke beker meestal na één kop koffie in de prullenbak. Over wat er met al die bekers gebeurde, hoefde niemand na te denken. Tot de overheid dat wel ging doen.

De moeilijke boodschap: een verbod op wegwerpbekers

In 2022 kondigde de overheid echter aan dat bedrijven en evenementen vanaf 1 januari 2024 geen wegwerpbekers meer mochten gebruiken. Met het oog op duurzaamheid moesten bekers voortaan gewassen en hergebruikt worden. Voor Chong betekende dat het einde van zijn kernproduct. “Dat was best een harde boodschap. Ik dacht: wat moet ik nu?”

Ook zijn klanten raakten ondertussen nerveus. “Ik wist dat een deel van onze klanten zelf vaatwassers en servies zou kopen. Maar voor een groot bedrijf met elf verdiepingen betekent dat nieuwe wateraansluitingen, stroom en verbouwde pantries. Dat is niet te doen. Daarnaast willen medewerkers vaak niet zelf afwassen of een vaatwasser uitruimen.”

De pivot: van wegwerp naar hergebruik

Chong zag drie opties: servies verkopen, stoppen met zijn bedrijf of inspelen op de kans door iets nieuws te bedenken. Stoppen was voor hem geen optie. “Ik heb mensen in dienst met gezinnen en verantwoordelijkheden.” Hij koos daarom voor de pivot naar duurzaamheid en sociale impact, al besefte hij dat hij een totaal andere wereld instapte. Zijn idee: als klanten niet zelf willen afwassen, doet CupXchange het voor ze. “Een product inkopen en verkopen is iets heel anders dan zelf bekers reinigen voor je klanten.” Chong presenteerde het concept bij zijn bestaande klanten. Zo’n tien partijen deden meteen mee in een pilot vanuit een eerste wasstraat in Den Haag, geproduceerd door fabrikant Winterhalter.

Het bedrijf brengt schone bekers en neemt de gebruikte meteen mee terug. Een mobiele wasstraat bij de klant voor de deur bleek niet haalbaar, dus werd het een netwerk van lokale wasstraten. Bewust lokaal, want Chong wist dat zijn klanten duurzaamheid steeds belangrijker vonden. Een herbruikbare beker is pas echt duurzaam als het ophalen en wassen niet meer vervuilt dan je ermee bespaart. “Concurrenten werken vaak vanuit één centrale locatie en rijden met dieselbusjes het hele land door om bekers op te halen en te brengen. Dan heb je een beker afgewassen, maar heb je er 400 kilometer voor gereden. Onze klanten zouden dat niet accepteren,” zegt Chong. Hij bedacht daarom te werken binnen een straal van 40 tot 50 kilometer rond elke wasstraat, zonder uitstoot: met elektrische auto’s en soms zelfs per fietskoerier.

Omdat de vraag groot leek, opende CupXchange in één keer vier wasstraten in Den Haag, Amsterdam, Utrecht en Arnhem. Maar toen ging het bijna mis. In december 2023, een paar weken voordat de wet inging, nam de Tweede Kamer een motie aan die het verbod op wegwerpbekers weer ter discussie stelde. Potentiële klanten trokken zich terug. “Ik kreeg bijna een hartaanval. Alles was al verbouwd, de machines stonden er, de mensen waren aangenomen.” CupXchange startte daardoor op slechts een kwart van de beschikbare capaciteit. Achteraf ziet Chong er ook iets goeds in. “We hadden geen ervaring met reinigen, logistiek, duurzaamheid en maatschappelijke impact. Zo konden we rustig leren hoe het moet.”

Een divers team dat de tijd krijgt om te landen

Bij het uitwerken van het idee stuitte Chong op een voor de hand liggende vraag: wie gaat al die afwas doen? “Niemand in Nederland wil een carrière maken als afwasser.” Toch zag hij een kans. “Wat als we mensen met een begeleidingsbehoefte zouden aannemen?” Zonder ervaring op dit vlak zocht Chong in elke regio samenwerking met sociaal ontwikkelbedrijven op om mee samen te werken, zoals Pantar in Amsterdam en het Utrechts Werkontwikkelbedrijf in Utrecht. CupXchange financiert de ruimte en de vaatwasmachines, de partner levert de mensen. Dit kunnen statushouders of mensen met een beperking zijn. De partner zorgt vaak ook voor de begeleiding van de mensen en op elke locatie zit iemand die aanspreekpunt is, instructies geeft en het geduld heeft om iets meer dan een keer uit te leggen als dat nodig is.

Het team van CupXchange

Het team van CupXchange is dus divers. Mensen met een taalachterstand, autisme of een andere beperking, asielzoekers en statushouders die de taal nog niet spreken. “Het zijn slimme mensen. Ze zitten alleen in een land dat ze niet kennen en moeten even landen. Wat ze nodig hebben, is een plek waar ze kunnen opstarten, geld verdienen en Nederlands leren.” CupXchange is daarbij gewoon werkgever. Nieuwe medewerkers krijgen een contract van zeven maanden, dat vaak wordt verlengd naar een jaar en daarna naar een vaste aanstelling.

De pivot van CupXchange vroeg ook veel van de bestaande medewerkers. Waar het werk vroeger vooral achter de laptop werd uitgevoerd, werd CupXchange een hands-on bedrijf met verschillende locaties. “Niet iedereen ging mee in de nieuwe visie. Dat is begrijpelijk, want we zijn echt een ander bedrijf geworden en soms zijn daar helaas andere mensen voor nodig.” Maar de diversiteit van het team maakt CupXchange nu zo mooi, vindt Chong. Het kost energie, maar het is meer dan de moeite waard.

Drie jaar later

Inmiddels bestaat de huidige versie van CupXchange drie jaar en heeft het bedrijf zes locaties. Het grootste resultaat zit in de mensen. “Sommigen staan hier al twee of drie jaar en willen niet meer weg. Ze voelen zich thuis, gewaardeerd en gezien.” Dat valt ook buiten het bedrijf op. CupXchange behaalde een plek in de top drie in de Utrechtse Circulaire Innovatie Top. Ook was het een van de 25 genomineerden voor de top 25 inclusieve werkgevers van Brainport Eindhoven en eindigde het in de top 5, terwijl het pas een jaar actief was in die regio.

De bekers gaan lang mee: sommige zijn al bijna drie jaar in omloop. Toch is er geen gebrek aan uitdagingen. Veel bedrijven gebruiken nog steeds wegwerpbekers, omdat er nauwelijks wordt gehandhaafd door de overheid. “We zijn eerst slachtoffer geworden van de wetgeving en nu van de handhaving daarop. Gelukkig groeit het besef wel onder ondernemers.” Zo is Chong in gesprek met drie grote bedrijven die per 1 januari 2027 aan de wet willen voldoen.

Advies aan werkgevers: verbreed je doelgroep

Aan ondernemers die moeite hebben met de krapte op de arbeidsmarkt, heeft Chong een helder advies. “Er staan meer dan een miljoen mensen aan de zijlijn en de bevolking vergrijst. Als je handjes nodig hebt, zul je mensen met een begeleidingsbehoefte moeten zien als optie. Ik zou hier niet te lang mee wachten. Ik heb een loyale groep mensen die elke dag bereid is om hier te komen werken. Daar kan ik op bouwen en dat is goud waard.”